‘Je moet jezelf weer gaan vinden.’ Dagenlang bleven deze woorden in mijn hoofd hangen. Maar nog meer bleven de woorden hangen die daarop volgde; ‘Jij was iemand, die is kapot gemaakt.’
Niet alleen bleven deze woorden hangen, omdat het horen ervan pijnlijk en confronterend was. Maar vooral omdat deze woorden mij erkenning gaven. Ik was een klein, onbevangen meisje en zij is kapot gemaakt.
Kapot gemaakt door jaren aan seksueel misbruik en alles wat daarbij komt kijken. De schaamte en schuld. Het dragen van een enorm geheim wat je zelf niet eens begrijpt. Het continue leven in angst. Als klein meisje de hele wereld zien als onveilig, omdat je niet meer weet wat je wel en niet kan vertrouwen. Jaren aan seksueel misbruik hebben mij volledig kapot gemaakt. Vervolgd door jaren vast zitten in een zorgsysteem dat mij alleen maar zieker maakte, in plaats van dat het me hielp.
Deze woorden deden mij realiseren; ooit was ik iemand. Voordat de wereld mij brak, was ik iemand. Met een eigen mening en een eigen persoonlijkheid. Iemand met een wil om te leven. Ik was iemand, die niet zo bang was voor het leven, dat de dood minder pijnlijk leek. Ik was iemand en die iemand is kapot gemaakt. Zonder dat zij daar ooit om gevraagd heeft. Zonder dat zij daar ooit iets tegen kon doen. Ooit was ik iemand die nog geen idee had dat het leven zoveel pijn zou gaan doen.
Mijn behandelaar benadrukte dat het niet mijn schuld was dat ik kapot gemaakt ben, maar dat het wel aan mij is om mezelf weer terug te vinden. Want al die jaren, na het misbruik, dat ik ronddwaalde in het zorgsysteem, is er nooit aandacht geweest voor wie ik ben. Enkel voor diagnoses en protecollen. Dermate dat, zelfs ik, over mezelf in medische termen ben gaan praten, zonder dat ik ooit doorhad dat het gebeurde. Ik werd niet alleen gezien als patient, ik zag mezelf als patient en niet meer als mens.
Op zoek naar mezelf dus. Maar wie ben ik eigenlijk en waar ga ik mezelf terugvinden? Ben ik nog wel dezelfde persoon als dat kleine meisje, voordat ze al die vreselijke dingen mee moest maken? Bestaat zij nog, ergens diep in mij? En ben ik dan nog haar, of is zij slechts een stukje van mij? Is dat kleine meisje nog ergens te vinden? Of is ze zo kapot gemaakt, dat haar stukjes kwijt zijn geraakt tussen de rest van de schade?
Ik denk dat ik niet eens meer weet wie dat kleine meisje was. Veel van de periode voor het misbruik, kan ik me niet herinneren en hoe moet ik terug naar iemand die ik me niet herinner? Of is het geen herinnering, maar een gevoel? Hoe overtuig ik dat kleine meisje er dan van dat ze nu wel veilig is. Dat ze weer zichzelf kan en mag zijn. Hoe vertel ik haar dat ze weer tevoorschijn mag komen?
Misschien is zoeken naar dat kleine meisje wel een te moeilijke en pijnlijke zoektocht. Wellicht kan ik beter op zoek gaan naar wie ik nu ben en misschien dat ik onderweg dat kleine meisje wel ergens tegen kom💜
